Dit zijn de andere website van Boehringer Ingelheim

Tips insuline injecteren kat

Insuline injecteren bij je kat

Insuline injecteren bij je kat

Een kat met suikerziekte laat het niet duidelijk merken als hij zich niet goed voelt. Tegen de tijd dat hij symptomen vertoont en de diagnose ‘suikerziekte’ krijgt, is de alvleesklier vaak al niet meer in staat om voldoende insuline aan te maken. Dan is het nodig om twee keer per dag insuline te injecteren bij de kat.

Diagnose stellen

 

Insuline injecteren bij de kat

Het is best een eng idee om insuline te injecteren bij een kat, maar met wat oefening is insuline injecteren bij de kat eigenlijk heel gemakkelijk. Het wordt meestal onder het nekvel toegediend met een klein spuitje en een heel dunne naald, waardoor katten er doorgaans niets van voelen. Om veranderingen van de kat met suikerziekte direct te constateren, is het handig om een dagboekje bij te houden. In het dagboekje noteer je:

  • Het injectietijdstip en hoeveel insuline je hebt toegediend.
  • De eetlust van je kat en hoeveel je kat gegeten heeft.
  • De algehele indruk van je kat en in het bijzonder of je kat slomer of slaperiger is dan normaal.
  • Of je kat gebraakt heeft of diarree heeft gehad.
  • Hoeveel je kat gedronken heeft. Je kunt dit meten door het drinkbakje te vullen met een afgemeten hoeveelheid water uit een maatbeker en op het einde van de dag het overgebleven water uit het bakje weer in de maatbeker te schenken. Meten van de waterinname is een van de beste manieren om vast te stellen hoe goed de suikerziekte van je kat onder controle is.

 

Naast insuline injecteren bij je kat, heeft hij baat bij goede voeding. Bij twijfel geldt altijd: neem contact op met de dierenarts. Mocht er sprake zijn van complicaties bij je kat, dan wil je er zo snel mogelijk bij zijn.

Voedingstips

Complicaties